|
"Probeer eerst te begrijpen, dan begrepen te worden" - Stephen R. Covey Introductie "paardentaal" Om effectief te communiceren moet je je eerst verdiepen in degene met wie je communiceert. Je moet iets van zijn kijk op de wereld begrijpen en weten hoe je hem het beste kunt bereiken. Bij communiceren met paarden is dat net zo belangrijk als bij communiceren met andere mensen. Paarden communiceren met elkaar d.m.v. lichaamstaal. De merrie 'drijft' haar jonge veulen met haar hoofd en hals naar dat lekkere plukje gras. De hengst jut een achterblijver op door naar zijn/haar achterhand te bijten wanneer de hele kudde moet vluchten voor gevaar. Twee maatjes beknabbelen de manekam bij elkaar om hun band te versterken. Dit soort lichaamstaal kunnen wij als mensen simuleren zodat we een paard iets duidelijk kunnen maken en zijn taal spreken. Bijvoorbeeld: "Je kunt me vertrouwen", "Ga voor me achteruit", "Kom naar me toe draven" etc. Als we communiceren met paarden gebruiken als metafoor voor
communiceren met mensen, moeten we dus eerst iets weten over de
(natuurlijke) leefomgeving van het paard. Daarbij zijn twee dingen van
groot belang: Beide karakteristieken hebben te maken met zijn overlevingsdrang: de enige manier om aan een hongerige bergleeuw te ontsnappen is in de kudde blijven en hard wegrennen. Een paard is dan ook zeer alert op gevaar en zal als hij het niet vertrouwt onwillekeurig vluchtgedrag vertonen. Veiligheid is dus zijn eerste levensbehoefte. Daarna pas komen comfort (een paard wil zich graag lekker voelen), spel (hij houdt ervan te spelen met zijn kuddegenoten) en voedsel. De kudde geeft hem veiligheid. Een kudde bestaat meestal uit een aantal merries met veulens en een hengst. In tegenstelling tot wat veel mensen denken is niet de hengst de baas maar de Alpha merrie (leidmerrie). Zij loopt voorop en bepaalt waar de kudde gaat grazen, wanneer er gedronken wordt of gerust. Toch heeft de (Alpha) hengst een belangrijke taak. Hij is het meest alert op de omgeving vanwaaruit voordurend gevaar dreigt. Hij zal "zijn" merries met hun veulens opdrijven als ze worden aangevallen en hen desnoods met hoef en tand verdedigen. De Alpha merrie en hengst dragen dus zorg voor het overleven van de kudde. De merrie door te leiden, de hengst door te drijven. Als mens kun je deze functies gelijktijdig vervullen door middel van je lichaamstaal. Je simuleert het leidersgedrag om te communiceren met een paard. Je kunt daarbij hulpmiddelen zoals touwen en sticks gebruiken.
Als je met een of meerdere paarden aan de gang gaat vorm je in feite een nieuwe kudde waarbij jij de leider bent. Psychologisch maak je - naast het veiligheidsaspect - gebruik van het feit dat een paard zeer gesteld is op zijn comfort en graag wil spelen. In de clinics doe je dan ook bepaalde spelletjes - of "games" - om de band tussen paard en mens te versterken, en om effectief te worden in je leiderschap. Als leider heb je een grote verantwoordelijkheid voor het proces maar ook het paard heeft zijn verantwoordelijkheden. Jij als leider houdt in de gaten of het paard zijn verantwoordelijkheden ook neemt... Wanneer het paard zich veilig voelt en je begrijpt, ontstaat er een synergie die heel bijzonder is en voor magische momenten kan zorgen.
|